| Bicycle |
Fiets
de/ een fiets
1 fiets > 2 fietsen |
|
Ik zit op de fiets. Een fiets gaat niet vanzelf.
( I ride a bike. A bike will not move by itself. ) |
 |
| Car |
Auto
de/ een auto
1 auto > 2 auto’s |
|
Ik rijd in de auto. Een auto heeft vier wielen.
( I ride a car. A car has four wheels ) |
 |
| Moped |
Brommer
een/ de brommer
1 brommer > 2 brommers |
|
Ik zit op de brommer. Een brommer is geen scooter.
(I ride a mopped. A mopped is not a scooter ) |
  |
| Truck |
Vrachtwagen
een/ de vrachtwagen
1 vrachtwagen > 2 vrachtwagens |
|
Een vrachtwagen vervoert goederen. De vrachtwagen is groot.
( A truck transports goods. The truck is big ) |
 |
| Airplane |
Vliegtuig
een/ het vliegtuig
1 vliegtuig > 2 vliegtuigen |
|
Een vliegtuig vliegt in de lucht. Het vliegtuig heeft vertraging.
( A airplane flies in the air. The plain is delayed ) |
 |
| Train |
Trein
de/ een trein1 trein > 2 treinen |
|
De trein rijdt op rails. Een trein is lang.
( A train runs on rails. A train is long. ) |
 |
| Tram |
Tram
een/ de tram
1 tram > 2 trams |
|
Een tram is geen trein. De tram is blauw met wit.
( A train is not a tram. The tram is blue-white ) |
 |
| Scooter |
Scooter
een/ de scooter
1 scooter > 2 scooters |
|
Een scooter is geen brommer. De scooter is snel.
( A scooter is not a moped ) |
 |
| (motor)Bike |
Motor(fiets)
een/ de motor
1 motor > 2 motoren |
|
Ik rijd op een motor. De motor is sneller dan een scooter.
( I ride a bike. A bike is faster then a scooter ) |
 |
| Bus |
Bus
de/ een bus
1 bus > 2 bussen |
|
Er passen veel mensen in de bus. Een bus is openbaar vervoer.
( A lot of people fit on a bus. A bus is public transportation ) |
 |
| Van |
Bestelwagen
de/ een bestelwagen
1 bestelwagen > 2 bestelwagens |
|
In een bestelwagen passen veel spullen. De bestelwagen is blauw.
( A lot of stuff fits in a van. This van is blue ) |
 |
| Boat |
Boot
een/ de boot
1 boot > 2 boten |
|
Een boot is kleiner dan een schip. De boot vaart weg.
( A boat is smaller then a ship. The boat sails away ) |
 |
| Ship |
Schip
het/ een schip
1 schip > 2 schepen |
|
Een schip is groter dan een bootje. Het schip maakt een lange reis.
( A ship is is much bigger then a boat. The ship makes a long journey) |
 |